Kievitsbloem of Fritillaria Meleagris

In dit artikel over de Kievitsbloem of fritillaria informatie over de grondsoort, bodem, onderhoud, standplaats, vermeerderen en bemesting van de Kievitsbloem of Fritillaria. De Kivietsbloem staat het liefst op een Zonnige, soms licht beschaduwde plaats en op vochtige tot natte, matig voedselrijke grond, bijvoorbeeld klei-op-veen maar ook op leem en zand. Het is voor de plant van belang dat de groeiplaatsen periodiek overstromen vochtig blijven in de zomer.




Kenmerken van de Kievitsbloem of Fritillaria:
Bodem: vochtige tot natte, matig voedselrijke bodem, humusrijk
Standplaats: zonnige, licht beschaduwde plek, beschut
Grondsoort: klei op veen, zand, leem en zavel,
Voorkeur: vochtige veenachtige bodem
Vocht: meer dan normaal
Plantdiepte: 6 tot 10cm
Bloeiperiode : April tot Mei
Licht: zon
Hoogte: 30 tot 50 cm
De bollen planten van oktober tot november

Algemene informatie:
De kievitsbloem (Fritillaria meleagris) is een plant uit de leliefamilie of Liliaceae. De plant komt in het wild voor in Nederland maar is een zeer zeldzaam voorkomend bolgewas en wettelijk beschermd. In Belgiƫ is de plant in het wild uitgestorven.
De bloem heeft paars en soms wit geblokte bloemblaadjes. De planten doen er acht jaren over om in bloei te komen. De zaden zijn relatief groot en verspreiden zich drijvend op het water. In Nederlandis de belangrijkste groeiplaats van de kievitsbloem langs de oevers van de Vecht en het Zwarte Water in Zwolle. Vroeger kwam de Kievitsbloem ook voor in gebieden met klei-op-veen en dan vooral de gebieden die ‘s winters onder water stonden. De plant kan erg slecht tegen aanpassingen aan het grondwaterpeil en is op de meeste plaatsen al voor de Tweede Wereldoorlog uitgestorven.

Standplaats:
De Kievietsbloem staat het liefst op een Zonnige, soms licht beschaduwde plaats en op vochtige tot natte, matig voedselrijke grond, bijvoorbeeld klei-op-veen maar ook op leem en zand. Het is voor de plant van belang dat de groeiplaatsen periodiek overstromen vochtig blijven in de zomer. De verspreiding van de wilde kievitsbloem gaat via de relatief grote zaden die op het water drijven en zich zo verspreiden. Dit is ook de reden dat het belangrijk is dat het groeigebied jaarlijks of in ieder geval om de paar jaar overstroomt. Dat is dus van belang voor de verspreiding van de plant in het wild maar niet perse voor de plek waar je ze in de tuin neerzet.

De kievitsbloem doet er maar liefst acht jaren over om in bloei te komen. Dat maakt de plant extra kwetsbaar. De planten vormen opgaande, onvertakte stengels en lijnvormig blad. De bloemen zijn zestallig, klokvormig en ze hangen geknikt aan de stengels met de opening naar beneden. De meeste soorten bloeien in het voorjaar.

De bollen van de kievitsbloem kunnen in oktober en november geplant worden.




Vermeerderen:
Kievitsbloemen vermeerderen zich zelf. Als de bollen eenmaal geplant zijn dan komen er elk jaar wel weer nieuwe plekken met bloemen tevoorschijn.
De kievitsbloem vermeerdert zich door het vormen van kleine bollen rondom de moederbol. Deze bolletjes gaan hun eigen leven leiden. Staat de kievitsbloem op vochtige, voedzame grond dan kan hij goed verwilderen op een voor hem plek.

Zaaien:
Aan het einde van de bloei vormt de plant zaden. Deze zaden kiemen enerzijds makkelijk maar anderzijds duurt het 3 tot 4 jaar voordat zich uit deze zaden bloeiende bollen ontwikkelen.
Uit zaad ontstane kievitsbollen kunnen er anders uitzien dan hun moederplanten. Er zitten vaak meer paarse of geheel witte exemplaren tussen.

Onderhoud:
Eenmaal geplant heb je er geen omkijken meer naar. De planten verwilderen gemakkelijk. Voor een goed resultaat is het van belang in het begin een flinke groep bollen te planten. De bollen worden 6 – 10 cm diep geplant.
Geef bij het uitlopen van het blad wat extra mest, bij voorkeur compost. Bij droogte is extra water geven erg belangrijk. Van de meest gangbare soorten soorten kun je de bollen in de grond laten zitten. Die zullen gaandeweg verwilderen. Minder winterharde moeten vorstvrij overwinteren. Oud blad niet afsnijden maar laten afsterven.

Naamgeving:
De wetenschappelijke naam is afgeleid van fritillus wat dobbelbeker betekent. Dat heeft te maken met de vorm van de klokjes. Bovendien lijkt de tekening van de kivietsbloem op de ogen van een dobbelsteen.
Meleagris zou zijn afgeleid van Meleagros, de koning van Kaludon uit de Griekse Mythoogie. Dat betekend Letterlijke parelhoen.

In het Nederlandse heet de plant Kievitsbloem. Dit zou zijn omdat de vorm van de bloem gelijkenis vertoont met een kievitseitje. Meer aannemelijke verklaring is dat de bloem precies bloeit als de kieviten in april/mei weer te voorschijn komen. Bovendien is de kivietsbloem van oudsher een weidebloem waar de kivieten zich ook bevinden.

Taxonomische kenmerken:
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: Eenzaadlobbigen
Orde: Liliales
Familie: Liliaceae (Leliefamilie)
Geslacht: Fritillaria
Getoonde soort: Fritillaria meleagris





x




Mijn andere website: OutdoorIndex.nl
Support Wiki | PixaBay.com